Blog van Jorrit: De toekomst van het managen van samenwerking met ‘autonomous agents’

De toekomst van autonome agenten in het managen van allianties tussen bedrijven belooft een fascinerend terrein te zijn, gevuld met zowel immense mogelijkheden als uitdagende vraagstukken. Terwijl de technologie zich ontwikkelt, stelt de mogelijkheid van AI-gestuurde onderhandelingen en management ons voor aan een wereld waarin “mijn bot praat met jouw bot” over onze samenwerking een realistisch scenario lijkt. Echter, deze visie houdt geen rekening met de essentiële menselijke aspecten van samenwerking, zoals gemeenschappelijk begrip en echte connectie, die cruciaal zijn voor het succes van elke alliantie.

Autonomous agents
Autonome agenten kunnen ongetwijfeld een reeks taken efficiënter en effectiever beheren. Denk aan het automatiseren van routinebeslissingen, het monitoren van prestatie-indicatoren, of zelfs het onderhandelen over bepaalde voorwaarden binnen vooraf gedefinieerde parameters. Dit zal leiden tot significante efficiëntieverbeteringen en kostenbesparingen, vooral in transactionele relaties zoals klantenservice, waar AI al in staat is om een groot deel van de interacties zelfstandig af te handelen.

” … de kern van elke succesvolle samenwerking ligt in het vermogen om diepere, vaak onuitgesproken waarden en doelstellingen te begrijpen en te delen.”

Hoe belangrijk zijn menselijke aspecten?
Echter, de kern van elke succesvolle samenwerking ligt in het vermogen om diepere, vaak onuitgesproken waarden en doelstellingen te begrijpen en te delen. Deze aspecten van samenwerking vereisen een niveau van empathie, vertrouwen, en wederzijds respect dat, op zijn minst voorlopig, buiten het bereik van autonome agenten ligt. Het concurrerende waardenmodel van Quinn dat ik beschreef in mijn vorige column – focust op het identificeren en afstemmen van organisatieculturen – benadrukt hoe belangrijk deze menselijke aspecten zijn. Het model suggereert dat succesvolle allianties niet alleen gebaseerd zijn op de complementariteit van vaardigheden of middelen, maar ook op een diepgaande culturele en waardenfit.

De essentie van werkelijke samenwerking
Daarom, hoewel de toekomst ons naar een wereld kan leiden waarin autonome agenten een aanzienlijk deel van het managen van allianties op zich nemen, zal de essentie van werkelijke samenwerking altijd menselijk contact vereisen. Het is de synergie tussen menselijke inzichten en AI-efficiëntie die de meest succesvolle allianties zal voortbrengen. De rol van autonome agenten moet daarom worden gezien als complementair aan menselijke inspanningen, niet als vervangend. Dit evenwicht vinden, is de sleutel tot het realiseren van de volledige potentie van allianties in het AI-tijdperk.

Ondersteunen en verrijken
In plaats van te streven naar volledige automatisering, moeten organisaties zich richten op het ontwerpen van AI-systemen die de menselijke capaciteit vergroten, ondersteunen en verrijken, en niet vervangen. Door te zorgen voor een ‘mens in de lus-benadering, waarbij mensen toezicht houden op en ingrijpen in de beslissingen en acties van AI, kunnen we de voordelen van automatisering benutten zonder de essentiële menselijke elementen van vertrouwen, begrip en samenwerking te verliezen.

Menselijke aspecten overvangbaar
De toekomst van alliantiemanagement door autonome agenten is evident, met een potentieel dat onze huidige verbeelding overstijgt. Echter, het echte succes van dergelijke technologische vooruitgang zal worden gemeten aan de hand van hoe goed deze nieuwe hulpmiddelen kunnen integreren met en versterken van de onvervangbare menselijke aspecten van samenwerking.

Jorrit Hoekstra

Partner AlliantiePartners

Is vertrouwen het belangrijkste bij allianties?

De afgelopen week heb ik een poll uitgezet op LinkedIn met de vraag: Wat is het belangrijkste voor jou bij samenwerken met andere organisaties? Onderstaand zie je de uitkomsten. 

Een overweldigende meerderheid heeft gekozen voor vertrouwen. Ruim 61% is deze mening toegedaan. Op zichzelf niet zo verwonderlijk. Vertrouwen als succesfactor voor samenwerken wordt vaak genoemd. De vraag is echter of dit daadwerkelijk ook zo is. De praktijk, maar ook onderzoek, leert ons dat vertrouwen niet de belangrijkste succesfactor is. Dat heeft veel te maken met welke definitie je geeft aan vertrouwen. Het woord -vertrouwen- wordt te pas maar zeker ook te onpas gebruikt bij samenwerkingsverbanden. Wat verstaan wij bij AlliantiePartners onder vertrouwen?

Is vertrouwen en betrouwbaar niet hetzelfde dan?

Vertrouwen versus betrouwbaar
Wij maken een onderscheid tussen vertrouwen en betrouwbaar zijn. Is dat niet hetzelfde dan? Nee, wij denken van niet. Betrouwbaar zijn betekent dat je de afspraken nakomt, voorspelbaar bent en open bent over je eigen doelstellingen. Ongelooflijk belangrijk bij samenwerken. Vertrouwen is meer een gevoel. Dat zit op overtuigingsniveau. Vanzelfsprekend helpt het dat als ik langdurig betrouwbaar gedrag laat zien, het vertrouwen ook groeit. Maar in essentie is vertrouwen meer dan betrouwbaar zijn. Bij vertrouwen weet ik dat we dezelfde overtuigingen delen, we soortgelijke normen en waarden hebben en we een sterk gedeelde mening hebben over waar de markt, maatschappij of noodzakelijke veranderingen ons naar leiden. We zijn het dus ten diepste eens. Samenwerkingen starten vaak niet met deze definitie van vertrouwen. Dit vraagt namelijk dat je hetzij de partij al zeer goed kent, hetzij dat je veel tijd besteed aan de voorbereiding door diepgaand met elkaar in gesprek te gaan. Daarbij, er bestaan genoeg succesvolle allianties die niet zozeer op vertrouwen zijn gebaseerd maar wel op betrouwbaar zijn. 

Vertrouwen bij samenwerken
Als je de definitie van vertrouwen uit de Van Dale hanteert gaat het om: ‘geloof in iemands goede trouw en eerlijkheid’. Het woord geloof geeft hierbij aan dat het niet gaat om een zekerheid. Maar om een gevoel. 

… hoe belangrijker vertrouwen wordt.

Je zou kunnen zeggen dat het belang van vertrouwen afhankelijk is van de doelstelling waarom je samenwerkt. Hoe groter de onzekerheid op de inhoud, met andere woorden, we weten nog niet precies waar we samen uitkomen. Hoe belangrijker vertrouwen wordt. Want als ik vertrouwen heb ben ik meer bereid risico te nemen, vertrouw ik erop dat mijn partner me steunt als ik een fout maak of het moeilijk heb, en staat de samenwerking niet onder druk bij een tegenslag. 

Transparantie
Hierbij kom ik dan tegelijkertijd ook uit bij de andere zaken die van belang zijn bij een partnership. Als er geen transparantie is over belangen, stap ik nooit volledig in een samenwerking. Als er geen wederkerigheid is, is een samenwerking gedoemd om te mislukken. En als er geen duidelijke afspraken zijn, kan ik ook nooit iets meten. 

Hoe groeit vertrouwen?
Is vertrouwen belangrijk? Ja, in die zin ben ik het eens met de uitkomst van de poll. Bestaat vertrouwen op voorhand? Nee, zeker niet als je het definieert zoals wij dat doen. Zorg er daarom voor dat je betrouwbaar bent, wederkerigheid in de samenwerking hebt, transparant bent over je eigenbelang en duidelijke afspraken maakt. Alleen dan zal vertrouwen groeien en zullen beide partijen bereid zijn om risico’s te nemen die de alliantie tot een succes brengen. 

Wim Witteveen
Founder AlliantiePartners

Blog Jorrit: De zoektocht naar de perfecte partner

In de dynamische wereld van organisatorische samenwerkingen is het cruciaal om niet alleen te focussen op de technische en financiële aspecten van een partnerschap, maar ook op de onderliggende waarden en culturele overeenkomsten. Dit besef vormt de basis van een succesvolle en duurzame alliantie tussen twee entiteiten.

Waardenmodel van Quinn
Een effectief hulpmiddel om de compatibiliteit tussen potentiële partners te beoordelen, is het concurrerende waardenmodel van Quinn, dat organisatieculturen categoriseert op basis van twee dimensies:

  • focus (intern versus extern) en
  • structuur (flexibiliteit versus stabiliteit).

Vier kwadranten
Dit model verdeelt organisatieculturen in vier kwadranten: clan, adhocratie, markt en hiërarchie, elk met unieke kenmerken en waarden. Een ‘clan’ cultuur benadrukt bijvoorbeeld familiewaarden en teamwork, terwijl een ‘markt’ cultuur gericht is op competitie en resultaten. Door het concurrerende waardenmodel toe te passen, kunnen organisaties hun eigen culturele identiteit en die van potentiële partners begrijpen. Daardoor kunnen ze beter inschatten of er een waardenfit en culturele fit is.

Een sterke waardenfit en culturele fit tussen organisaties verhoogt de kans op succes…

Een sterke waardenfit en culturele fit tussen organisaties – in combinatie met een hoog volwassenheidsniveau en leervermogen in het omgaan met culturele verschillen –verhoogt de kans op succes door het bevorderen van wederzijds begrip, samenwerking en engagement. Het gaat verder dan alleen het delen van doelen; het omvat het delen van een visie op hoe die doelen bereikt moeten worden, wat de basis legt voor een diepgaande, betekenisvolle samenwerking. Door vooraf de culturele compatibiliteit te beoordelen met het model van Quinn, kunnen organisaties potentiële conflicten identificeren en adresseren, de samenwerking effectief structureren en een solide basis leggen voor toekomstige uitdagingen.

Begrip en waardering
Het overstappen van traditionele opdrachtgever-opdrachtnemer relaties naar alliantiemodellen waarbij rendement en risico gedeeld worden, vraagt om een diepgaand begrip en waardering van elkaars culturele waarden en werkwijzen. Dit vereist een verschuiving in denken en handelen, waarbij het concurrerende waardenmodel van Quinn als gids kan dienen om deze transitie te navigeren en te optimaliseren.

Het toepassen van het model biedt een hulpmiddel om de complexiteit van organisatieculturen te ontrafelen en te begrijpen hoe deze de samenwerking kunnen beïnvloeden. Het stimuleert organisaties om onder de oppervlakte te kijken en te investeren in relaties die gebouwd zijn op gedeelde waarden en culturele synergie. Dit is geen eenvoudige taak, maar de voordelen van dergelijke samenwerkingen zijn aanzienlijk – van verhoogde innovatie en efficiëntie tot verbeterde reputatie en klanttevredenheid.

Waardevolle tool
Samenvattend, in een tijd waarin samenwerkingen steeds crucialer worden voor organisatorisch succes, biedt het concurrerende waardenmodel van Quinn een waardevolle tool in hoe waardenfit en culturele fit de sleutel kunnen zijn tot het bouwen van sterke, duurzame allianties. Door een grondige beoordeling van deze culturele aspecten kunnen organisaties allianties vormen die niet alleen strategisch zinvol zijn, maar ook bestand zijn tegen de dynamiek en complexiteit van de huidige tijdsgeest.

Wil je meer weten over onze aanpak voor partnerselectie of kun je hier wel wat hulp bij gebruiken? Neem dan even contact met ons op, we helpen je graag!

Jorrit Hoekstra
Alliantie Partners

Blog van Wim: Leervermogen van veel organisaties bijzonder matig – update 2024

In 2015 schreef ik een blog over de onderlinge verwijten tussen Rijkswaterstaat en de bouwwereld voor opdrachten voor de infrastructuur in Nederland.  

Afgelopen donderdag (2015) in het FD: ‘ Overheid speelt bouwsector genadeloos uiteen.’ Twee (emeritus) hoogleraren worden aangehaald om aandacht te vragen voor het slachtoffer: de bouwwereld. Maar is de bouwwereld werkelijk slachtoffer of moet zij de hand ook in eigen boezem steken?

Allianties
In het artikel wordt aangegeven dat Rijkswaterstaat vrijwel alleen nog maar opdrachten verleent waarbij de bouwers niet alleen moeten bouwen, maar ook verantwoordelijk zijn voor het ontwerp en de onderhoud van een project. Dit veronderstelt dat er geen sprake meer is van een traditionele opdrachtgever/opdrachtnemer relatie, maar dat er rendement en risico wordt gedeeld. In mijn optiek dus een alliantie in plaats van de pure aanbesteding. De vraag is echter of partijen zich ook zo opstellen. Want bij een alliantie spelen andere succesfactoren als bij het puur aanvaarden van een opdracht. En ook andere vaardigheden. En daar wringt de schoen want het antwoord is dat er vooral risico’s naar de markt geschoven worden.

Leervermogen?
Wat is er nu veranderd in negen jaar? We schrijven inmiddels 2024 en hebben partijen iets geleerd? Er zijn immers voorbeelden waarbij door een alliantievorm te kiezen, er wel goede resultaten zijn gehaald. Denk hierbij aan het traject A2 Hooggelegen bij Utrecht dat in de periode van 2007 tot 2011 is uitgevoerd. Dit is een project geweest waarbij door te werken in alliantievorm een super resultaat is bereikt. Hier is zelfs een boek over geschreven en er is een film over gemaakt door RWS.

Helaas…
De conclusie is helaas dat er toch weinig is veranderd c.q. is geleerd. Op 25 januari 2024 verschijnt er een artikel in het FD met de titel ‘Goede reputatie van Nederlandse infra staat op het spel’. Dit is de mening van Doekle Terpstra, voorzitter van Techniek Nederland, de koepel van de installatiebranche, in een reactie op de mislukte aanbesteding voor renovatie van de Van Brienenoordbrug.

Doekle Terpstra windt er geen doekjes om. ‘We hebben volstrekt niet door hoe kwetsbaar we nu zijn’, zegt Doekle Terpstra. Voor de aanbesteding van de Van Brienenoordbrug bleek er slechts één gegadigde, een consortium dat volgens demissionair minister Mark Harbers van Infrastructuur en Waterstaat een ‘excessief hoge’ prijs zou vragen. Het komt ook steeds vaker voor dat er niet of nauwelijks wordt ingeschreven bij aanbestedingen.

‘Wat houdt partijen tegen?’

Ook op andere plekken horen we geluiden dat de samenwerking tussen RWS en de bouwwereld een alliantieaanpak kan gebruiken. Er zijn succesvolle voorbeelden. Wat houdt partijen dan tegen zou je zeggen? Eén van de kenmerken van een alliantie is dat je rendement en risico deelt. En blijkbaar is dit moeilijk. Natuurlijk begrijp ik wel dat je als overheid controle wilt hebben over je uitgaven. Maar in veel aanbestedingen van de overheid waarin alles is dichtgetimmerd in de contracten en er blijkbaar zekerheid is, blijkt keer op keer dat geen garantie is om overschrijdingen te voorkomen. Wat in dit soort gevallen dus vaak leidt tot rechtszaken. En uiteindelijk per definitie meer geld kost.

‘..de veronderstelde en overschatte maakbaarheid der dingen..’

Contracten
De dichtgetimmerde contracten geven dus slechts een schijnzekerheid. Ik noem dit vaak in onze opleidingen “de veronderstelde en overschatte maakbaarheid der dingen”. De wereld is volatiel en er kan in dit soort langdurige trajecten van alles gebeuren. Ik ben er van overtuigd dat alleen een echte alliantieaanpak een oplossing kan bieden gezien de tijd waarin we leven. Waarbij je echt rendement en risico deelt. Zodat er niet altijd een verliezer is in de samenwerking. Dat gold in 2015 bij mijn eerdere blog, en dat is alleen maar relevanter geworden in 2024. 

Wim Witteveen
AlliantiePartners

Blog van Toni: De spiegel van allianties. Waarom je gisteren al had moeten beginnen

Sta even stil, kijk in de spiegel van het moderne zakenleven en vraag jezelf af: “Heb ik de boot van de digitale transformatie en AI al gemist?” Als het antwoord ‘ja’ is, of zelfs ‘misschien’, dan is het hoog tijd om te overwegen hoe essentieel het aangaan van allianties in de huidige businesswereld is. Het is een realiteit die je niet langer kunt negeren.

Strategische alliantie
Laten we het onomwonden stellen: als jouw organisatie nog geen strategische allianties heeft gevormd in deze tijd van digitale transformatie en AI, dan loop je achter. Ja, dat klinkt hard, maar in een wereld waar technologische ontwikkelingen sneller gaan dan ooit, is gisteren al laat.

Bouwstenen nieuwe zakelijke realiteit
De opkomst van digitale technologieën en kunstmatige intelligentie heeft de spelregels van het zaken doen fundamenteel veranderd. Deze technologieën zijn niet langer slechts hulpmiddelen; ze zijn de bouwstenen geworden van een nieuwe zakelijke realiteit. Organisaties die dit begrijpen en hierop inspelen door middel van strategische allianties, zijn de organisaties die morgen nog bestaan.

‘Het aangaan van een alliantie is als het aanboren van een bron van kennis en middelen die jouw organisatie alleen nooit zou kunnen bereiken.’

Een alliantie aangaan is als het aanboren van een bron van kennis en middelen die jouw organisatie alleen nooit zou kunnen bereiken. Het gaat hier niet om het simpelweg uitbesteden van taken of het delen van kosten. Nee, het gaat om het samenbrengen van expertise, visie en technologie om iets te creëren dat groter is dan de som der delen.

Denk aan de kracht van gecombineerde data-analyse, het delen van AI-gestuurde inzichten, of het samen ontwikkelen van disruptieve technologieën. Dit zijn geen futuristische fantasieën; het zijn de realiteiten van vandaag. organisaties die deze allianties smeden, zijn de voorlopers in hun veld. Ze zijn wendbaarder, innovatiever en beter voorbereid op de toekomst.

Nooit te laat
Misschien denk je nu: “Maar mijn organisatie is niet groot genoeg, niet klaar, niet… vul maar in.” Stop daar. Het is nooit te laat om te beginnen. De eerste stap is het erkennen van de noodzaak en het potentieel van samenwerking in deze digitale era. De volgende stap is het vinden van partners die jouw visie delen en complementair zijn aan jouw vaardigheden en middelen.

Voordelen zijn groot
Ja, het aangaan van allianties kan intimiderend zijn. Het vereist een openheid voor verandering en een bereidheid om de controle over bepaalde aspecten van jouw organisatie te delen. Maar de beloningen zijn immens. Denk aan toegang tot nieuwe markten, gedeelde risico’s, verhoogde efficiëntie en, bovenal, een kans om een belangrijke speler te zijn in de nieuwe digitale economie.

‘…het is een noodzaak…’

Dus hier sta je, voor de spiegel van de zakelijke realiteit. Het is tijd om de confrontatie aan te gaan met wat je zou kunnen missen. Het aangaan van allianties in het tijdperk van digitale transformatie en AI is niet slechts een optie; het is een noodzaak. En hoewel gisteren het ideale moment was om te beginnen, is vandaag een goede tweede.

Toni Sfirtsis
Partner AlliantiePartners

Samenwerking tussen de Volksbank, Topicus en AlliantiePartners

AlliantiePartners, een bedrijf dat zowel een consultancytak heeft als opleidingen verzorgt in alliantiemanagement, is cruciaal geweest in het versterken van de samenwerking tussen de Volksbank en Topicus. Hierover vertellen Peter-Paul Wekking van de Volksbank en Clint van Haalen van Topicus.

1. Waarom hebben jullie AlliantiePartners ingehuurd?

PETER-PAUL: Wim ken ik al geruime tijd vanuit mijn Postbank-verleden. We hebben langdurig samengewerkt en zijn altijd in contact gebleven. Toen Wim AlliantiePartners oprichtte, met zijn diepgaande kennis van allianties, was het voor mij een logische keuze om samen te werken. In mijn rol bij de Volksbank benaderde Wim mij op het moment dat een groot contract met Topicus in het verschiet lag. We wilden deze samenwerking anders aanpakken en transformeren van een traditionele klant-leverancier relatie naar een succesvol partnerschap.

CLINT: Hoewel geïnitieerd door de Volksbank, kende ik Wim ook vanuit ons netwerk. Het viel ons op dat bij veel contracten weliswaar gesproken wordt over partnerschap maar zodra het ingewikkeld wordt, verschuift de dynamiek snel naar een klant-leveranciersverhouding. Dit wilden we vermijden. We zochten naar een externe partij die ons kon begeleiden, iemand die niet direct betrokken was bij onze dagelijkse gang van zaken, maar ons juist kon sturen, vooral in uitdagende periodes.

2. Wat was de opdracht?

CLINT: Hoewel er al een beperkte samenwerking bestond tussen de Volksbank en Topicus, wilden we deze intensiveren vanwege een grote geplande IT-implementatie. Het fundament van onderling vertrouwen was al aanwezig, maar gezien de uitdagende periode wilden we leren hoe we deze samenwerking optimaal konden handhaven.

3. Hoe hebben jullie de samenwerking met AlliantiePartners ervaren?

PETER-PAUL: De samenwerking met AlliantiePartners was buitengewoon positief. Wim heeft de relatie zorgvuldig onderhouden, was proactief en deskundig.

CLINT: De samenwerking met AlliantiePartners verliep zeer prettig. Alleen de communicatie per e-mail verliep soms niet optimaal, maar gelukkig hield Wim ons actief betrokken. Niet opdringerig, maar je merkte dat hij ons als klant altijd centraal stelde, waarbij een sterke samenwerking hoog in het vaandel stond. Wat ook positief opviel, was Wims diepgaande kennis van de branche (hypotheken), zijn toegankelijkheid, verbindend vermogen en persoonlijke betrokkenheid, wat de samenwerking nog verder versterkte.

4. Wat is de belangrijkste opbrengst geweest?

PETER-PAUL: Tijdens een zeer intensief veranderingsproces, met de implementatie van een nieuw IT-platform voor hypotheken, zijn we erin geslaagd elkaar stevig vast te houden. Samen met Topicus hebben we een echte alliantie gevormd, waardoor de veranderingsprocessen bij de Volksbank en bij Topicus soepeler zijn verlopen. Het bood zelfs bescherming tijdens de kritieke fase van de IT-implementatie. Onderweg zijn we tal van obstakels tegengekomen, maar met onze hechte alliantie heeft aanzienlijk bijgedragen aan het voorkomen van samenwerkingsproblemen.

We zijn er niet in geslaagd om de alliantie uit te breiden naar andere gebieden van dienstverlening waarop we gezamenlijk succes wilden behalen, omdat we alle aandacht moesten concentreren op de live gang van het nieuwe hypotheeksysteem.

CLINT: Mede dankzij AlliantiePartners zijn we erin geslaagd elkaar vast te houden in een uiterst uitdagende periode. Hierdoor staan we waar we nu staan: een vruchtbare samenwerking, een succesvolle implementatie en een blik op een veelbelovende toekomst.

5. Zouden jullie in de toekomst opnieuw AlliantiePartners inhuren voor samenwerkingsvraagstukken?

PETER-PAUL: Zeker, AlliantiePartners heeft verschil gemaakt in onze samenwerking Bij grote investeringen met andere bedrijven is het essentieel om samen deze stap te zetten. We hebben aanzienlijke tijd besteed aan het leren kennen van elkaar, zowel op inhoudelijk als relationeel vlak. We hebben niet alleen elkaar persoonlijk, maar ook elkaars bedrijfsculturen grondig verkend. Presentaties werden gegeven bij Topicus en vice versa. We hebben afspraken gemaakt over aandachtspunten en cruciaal is dat we elkaars sterke en zwakke punten begrijpen. Dit omvangrijke implementatieprogramma is op alle niveaus, strategisch, tactisch en operationeel, tussen mensen en organisatieculturen, grondig verankerd. Zelfs nieuwe medewerkers werden bij dit proces betrokken, zodat we bouwden op solide afspraken. Kortom, onze basis is aanzienlijk verstevigd.

CLINT: Absoluut, voor de volle 100%! Hierdoor kun je een klant-leveranciersrelatie vermijden en echt samenwerken naar een succesvol partnerschap.

Blog van Toni – Samenwerking: de cruciale stap die veel organisaties missen

In de hedendaagse zakenwereld lijkt het alsof we verstrikt zijn in een paradoxale cyclus. Enerzijds erkennen organisaties de onmiskenbare waarde van samenwerking, maar anderzijds blijven velen hangen in een embryonale fase van partnermaturiteit. Dit is niet alleen teleurstellend, maar ook een ernstige belemmering voor toekomstige groei en innovatie.

De embryonale fase: een gemiste kans
Het is opvallend hoeveel organisaties nog steeds worstelen met het concept van echte samenwerking. Ze blijven vastzitten in oude patronen van concurrentie en zelfvoorziening, terwijl de wereld om hen heen verandert. Deze organisaties houden vast aan de illusie dat ze alles zelf kunnen en moeten doen, ondanks het overduidelijke bewijs dat dit niet langer houdbaar is.

” Er zijn meer hersenen buiten je organisatie dan binnen.”

Meer hersenen buiten dan binnen
Het adagium ‘er zijn meer hersenen buiten je organisatie dan binnen’ kan niet genoeg benadrukt worden. In een tijdperk waarin kennis exponentieel groeit en innovaties elkaar in rap tempo opvolgen, is het onmogelijk om als enkelvoudige entiteit op alle fronten te excelleren. Het negeren van de expertise en inzichten die partners kunnen bieden, is niets minder dan zakelijke zelfsabotage.

Samenwerken: een strategische noodzaak
Echte samenwerking gaat niet alleen over het delen van middelen of het aangaan van oppervlakkige partnerships. Het is een strategische noodzaak die vereist dat organisaties hun ego opzij zetten en erkennen dat synergie en gedeelde expertise cruciaal zijn voor langdurige groei. Het gaat om het opbouwen van relaties waarin wederzijdse waarde en respect centraal staan.

De toekomst: co-creatie en innovatie
In de toekomst zal het succes van organisaties in toenemende mate afhangen van hun vermogen om effectief samen te werken met partners. Co-creatie en gezamenlijke innovatie worden de norm, waarbij de nadruk ligt op het samen oplossen van problemen en het benutten van complementaire vaardigheden.

Uitdaging voor leidinggevenden
Leidinggevenden staan voor de uitdaging om een cultuur te creëren waarin samenwerking niet alleen wordt aangemoedigd, maar ook wordt beloond. Het vereist een verschuiving in mindset, van het beschermen van het eigen territorium naar het actief zoeken naar kansen om samen te werken en te leren van anderen.

‘We moeten erkennen dat samenwerken geen optie is, maar een noodzaak.’

Conclusie: tijd om te evolueren
De tijd is rijp voor organisaties om uit hun embryonale fase van partnermaturiteit te stappen en de immense voordelen van echte samenwerking te omarmen. Het is een essentiële stap voor de lange termijn continuïteit en het succes van elke organisatie. We moeten erkennen dat in de complexe en snel veranderende wereld van vandaag, samenwerken geen optie is, maar een noodzaak.

Samenwerking Het Begint met Taal en AlliantiePartners

AlliantiePartners verzorgt niet alleen opleidingen in alliantiemanagement, maar heeft ook
een consultancy tak. Aan het woord is Sylvia de Groot Heupner, directeur Het Begint met
Taal en oprichtster van Kletsmaatjes.

We werken veel samen met andere organisaties. In één van deze samenwerkingsprojecten kwam de vraag op: hoe kunnen we beter samenwerken en onze krachten slimmer bundelen, zodat we onze gemeenschappelijke doelen bereiken? We kijken namelijk graag vooruit.

Alliantiemanagement

We leerden AlliantiePartners kennen via Jorrit. Ik kende Jorrit vooral om zijn onderzoek naar de achtergrond en drijfveren bij vrijwilligers. Wij waren op zoek hoe we met een ander type vrijwilligers konden gaan samenwerken en Jorrit was net partner geworden bij AlliantiePartners.. Jorrit vertelde wat alliantiemanagement precies inhoudt en op basis daarvan besloten we om gezamenlijk een traject te starten.

‘ Hoe kunnen we beter gaan samenwerken?’

De vraag die we aan AlliantiePartners stelden, was hoe kunnen we beter samenwerken en onze krachten slimmer kunnen bundelen, zodat we onze gemeenschappelijke doelen bereiken? Formeel hadden we alles goed op papier staan, maar er miste iets. Daar wilden we mee aan de slag.

‘ Er wordt vaak te weinig stilgestaan bij ieders verwachtingen…’

De ijsberg

Het is heel fijn om een extern persoon bij dit proces te betrekken. Samenwerken doe je automatisch, je doet het gewoon. Maar hoe je dat het beste kunt doen vraagt specifieke aandacht en dus ook tijd. In veel samenwerkingen wordt vaak te weinig stilgestaan bij ieders individuele verwachtingen. Als je dat wel doet, dan helpt dat enorm. Een goed begin is het halve werk. 

Opbrengst

Uiteindelijk hebben we onze samenwerking meer concreet gemaakt. Ook kregen we meer begrip voor elkaars uitgangspunten. Dit heeft ervoor gezorgd dat we daarna slagvaardiger werden. Jorrit en Wim hebben op ons initiatief ook nog een kennissessie gegeven over alliantiemanagement aan het netwerk van basisvaardigheden, waar naast taalcoachorganisaties ook gemeenten en taalscholen onderdeel van zijn. In die sessie stonden ze stil bij de zachte factoren en het hele proces hoe hiermee om te gaan. Mensen vonden dat enorm nuttig, ze herkenden veel van waar ze dagelijks tegenaan lopen. 

‘ .. vorm van organisatietherapie!’

Zou ik AlliantiePartners in de toekomst weer inhuren als ik een samenwerkingsvraagstuk heb? Jazeker! Als we budget hebben. Ik zie enorm het belang ervan, maar het kost best wel wat tijd. Gelukkig hebben we dit nu in dit project kunnen doen, maar er is waarschijnlijk niet altijd budget voor deze vorm van organisatietherapie!

Sylvia de Groot Heupner

Directeur Het Begint met Taal

Business Innovation Program Food

Voedselvernieuwers! Dat is hoe de deelnemers aan het Business Innovation Program Food (BIPF) worden genoemd. Het BIPF is een gezamenlijk programma van een aantal Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen. Start ups die een intensief programma van tien weken volgen om hun idee en businessplan verder te ontwikkelen. 

Maatschappelijke missie
Op de site van dit programma staat de volgende tekst: “De wereld van morgen heeft vandaag voedsel vernieuwers nodig. Maakt jouw idee of bedrijf de voedselketen duurzamer, slimmer, efficiënter of gezonder en zoek je toegang tot de markt met een verdienmodel? Tijdens dit programma leer je om voor jezelf scherp te krijgen welke ideeën kansrijk zijn en hoe je deze vertaalt tot een concreet nieuw verdienmodel voor jouw bedrijf”. Allemaal bedrijven met ook een maatschappelijke missie om onder andere voedselverspilling tegen te gaan of duurzamer te produceren. 

‘..maar zeker ook een culturele fit is dan nog meer van belang.’

Partners nodig
Dit is de 7e editie van dit programma en ik ben trots dat ik de laatste zes keer een bijdrage heb mogen leveren aan dit programma. En mijn bijdrage gaat natuurlijk over partnerships. Want ook voor deze bedrijven geldt dat ze dit niet alleen kunnen opzetten. Ze hebben partners nodig. En zeker bij dit soort maatschappelijk betrokken ondernemers, is het van belang om waarden gedreven allianties aan te gaan. En dat vraagt om diepgaande gesprekken met potentiële partners. Want het gaat om meer dan winst. Een strategische fit maar zeker ook een culturele fit is dan nog meer van belang. 

Maak de wereld een stukje mooier
Op 22 november was de slotdag van dit mooie programma op de Wageningen University & Research waar alle deelnemers hun plannen voor de komende 100 dagen hebben gepresenteerd. Mooi om te zien dat er in die plannen ook aandacht was voor partnerships en allianties. Ik wens alle deelnemers veel succes om de wereld een stukje mooier te maken en ook succesvol te zijn hun business!  

Wim Witteveen

Founder AlliantiePartners

‘Het zit wel goed met deze alliantie, we kennen elkaar toch… ‘


Moet je de partner met wie je gaat samenwerken jarenlang kennen? Is het belangrijk dat je het goed met elkaar kunt vinden? Het kan helpen. Maar chemie tussen twee oprichters kan ook een behoorlijke valkuil zijn. Maak er gerust gebruik van, is het devies. Blijf echter zo zakelijk als bij elke willekeurig andere deal. 


Persoonlijke klik
Als expert op het gebied van Alliantiemanagement en professor aan de Brandeis Universiteit in Massachusets weet Benjamin Gomes-Casseres er alles van: een persoonlijke klik kan helpen in de onderhandelingen. En evenzeer kan dit van waarde zijn gedurende de periode van samenwerken. Gezamenlijke strategieën kunnen gemakkelijker worden bepaald en problemen vinden vaak sneller een oplossing. Toch schuilt juist in dat ‘gemak’ volgens de Amerikaanse professor het gevaar. In een artikel in Harvard Business Review haalt hij het voorbeeld aan van een onderneming die op zoek ging naar een partner en de keuze te snel liet vallen op een partij waarmee het goed leek te klikken. Diepte-interviews? Analyse van alternatieven? Daaraan werd voorbij gegaan, in de overtuiging ‘dat het wel goed zat’. 

Toen de CEO van het partnerbedrijf de tent moest verlaten, ging het al snel mis met de samenwerking. Diens opvolger had andere ideeën en omdat er nauwelijks was nagedacht over een eventuele exit-strategie ging het al snel mis. De vraag die hiermee rijst, is: hoe blijf je oog houden voor de ‘harde’ kant van een alliantie, als de ‘zachte’ kant zo prominent aanwezig is?

‘Verdere stappen werden gestaakt, de vriendschap duurt nog voort.’

Het antwoord van Gomes-Casseres luidt: ‘blijf doorvragen’. Hoewel dat niet direct heel positief zal worden beschouwd, is het wel de enige juiste manier. Wij hebben dit als AlliantiePartners zelf ook ervaren. Eén van onze relaties sprak de wens uit een samenwerking aan te gaan met een andere partij, eenvoudigweg omdat er synergievoordelen lonkten en de oprichters het sinds de vroege jeugd goed met elkaar konden vinden. Na  grondige eerste verkenningen bleek echter al snel dat de toekomstige samenwerking waarschijnlijk wel ‘fun’ werd, maar dat er te veel hobbels moesten worden genomen om de samenwerking te laten slagen. Verdere stappen werden gestaakt, de vriendschap duurt nog voort.

Balans zachte en harde factoren
Uit het artikel van Gomes-Casseres blijkt eens temeer dat er een goede balans moet zijn tussen de zachte en de harde factoren van een samenwerking. Dat gegeven vormt de basis van ons Bouwstenen-model dat wij gebruiken in adviestrajecten rondom allianties. Wij hanteren een mix van zestien bouwstenen die, mits goed gebruikt, bijdragen aan het succes van een alliantie. Er zijn harde bouwstenen zoals scope en exclusiviteit van de alliantie of financiële afspraken, maar ook zachte bouwstenen zoals cultuur of reputatie. Eén van deze bouwstenen is niet voor niets ‘Persoonlijke relaties’. Hoe belangrijk is het na te denken over het creëren van teams met leden uit de alliantie en de partnerorganisatie! Verwacht bijvoorbeeld niet automatisch dat de chemie tussen twee CEO’s ook als zodanig wordt ervaren door alle medewerkers. 

Managen van een alliantie
Uit onze bouwsteen ‘Doel, planning en control’ kan juist worden afgeleid hoezeer wij waarde hechten aan een voldoende zakelijke insteek. Uiteindelijk gaat het erom je doelstellingen, zowel de gezamenlijke als individuele, te operationaliseren in targets en scorecards. Managementinformatie maakt daar deel van uit, evenals monitoring en het nemen van de verantwoordelijkheid voor bijsturing, waar nodig. Want hoe inspirerend de eerste stappen op weg naar samenwerking ook mogen zijn, zonder targets en monitoring is er geen zicht op rendement en risico. Wij stellen onze klanten daarom altijd dezelfde cruciale vragen aan het begin van een samenwerking: wat is je doel, welk rendement verwacht je, welk risico loop je en wat is het belang van je partner? Zo zijn er nog talloze andere vragen te beantwoorden, die in iedere situatie weer anders zijn. 

Zijn deze thema’s ter tafel gekomen en voelen de partners nog steeds evenveel voor elkaar? Trek dan de champagne maar open. Op naar de volgende stap!

Wim Witteveen
Founder AlliantiePartners